Intrinsieke waarde aandeel berekenen

Aandelen waarderen: De intrinsieke waarde (net asset value) bepalen

In een vorig artikel hebben we het gehad over de boekwaarde van een aandeel. Dit is een snelle maatstaf om de waarde van een bedrijf in te schatten. Een zorgvuldigere, maar tevens meer ingewikkelde methode is de intrinsieke waarde van een aandeel. In het Engels kom je dit begrip tegen als Net Asset Value of afgekort NAV.

Wat is het verschil tussen de boekwaarde en de intrinsieke waarde?

De boekwaarde geeft de boekhoudkundige waarde weer van een bezitting, terwijl de intrinsieke waarde de marktwaarde van een bezitting weergeeft. De intrinsieke waarde van een bedrijf geeft hierdoor dus een reëlere waarde weer dan de boekwaarde van activa op de balans. De boekwaarde is zoals het woord al zegt, de waarde waarvoor een bezitting op de balans staat. De waarde kan overeenkomen, maar dit is meestal niet het geval. In het onderstaande voorbeeld leggen we uit, wanneer de intrinsieke waarde en de boekwaarde  overeenkomen:

Voorbeeld: Boekwaarde en intrinsieke waarde gelijk

Bepaalde posten op de balans zijn werkelijk waard waarvoor ze op de balans staan. Stel een bedrijf heeft 10 miljoen cash en 5 miljoen schulden en het zou ophouden te bestaan, dan kan de 5 miljoen schuld worden afgelost met de kaspositie. Er blijft dan 5 miljoen over.

De 5 miljoen is in dit geval zowel de boekwaarde als de intrinsieke waarde. Zowel de kaspositie van 10 en de schuldpositie van 5 miljoen, zijn het bedrag waard waarvoor het op de balans staat. Zowel de boek- als de intrinsieke waarde kan in dit geval dus worden berekend door de bezittingen te verminderen met de schulden. In veel gevallen kan de intrinsieke waarde echter aanzienlijk verschillen met de boekwaarde. We leggen dit uit met onderstaande voorbeeld:

Voorbeeld: Boekwaarde en intrinsieke waarde verschillen 

Stel een beursgenoteerd bedrijf heeft geen inkomsten, geen schulden en de enige bezitting op de balans is een complexe machine met een waarde van 10 miljoen euro. We kunnen in dit geval stellen dat de boekwaarde van de machine 10 miljoen is. Aangezien er verder niets op de balans staat is dit ook de volledige boekwaarde van het bedrijf.

Op een dag komt wordt de machine getaxeerd, omdat een partij interesse heeft getoond om de machine te kopen. Deze komt tot de conclusie dat de machine kan worden verkocht voor een bedrag van 15 miljoen. Hoewel de machine voor 10 miljoen op de balans staat, ligt de werkelijke waarde 5 miljoen hoger. Kortom, de intrinsieke waarde of net asset value is 15 miljoen.

De machine wordt uiteindelijk verkocht en er wordt besloten de onderneming te liquideren en het geld uit te keren onder de aandeelhouders. Onder de aandeelhouders wordt 15 miljoen verdeeld. Kortom, er was voor de verkoop sprake van een onderwaardering van 50% op basis van de intrinsieke waarde.

Welke posten op de balans kunnen in waarde verschillen?

Zoals we in bovenstaande voorbeelden hebben gezien, worden kasgelden en schulden tegen de werkelijke waarde op de balans geboekt. In dit geval komen de boekwaarde en de intrinsieke waarde dus overeen. Van andere bezittingen zoals de machines en gebouwen kan de werkelijke waarde flink verschillen.

Dit komt doordat wanneer een machine of gebouw wordt aangekocht deze op de balans wordt geboekt tegen de aankoopprijs. Vervolgens wordt hierop elk jaar een bedrag afgeschreven. Boekhoudkundig neemt de waarde van bezittingen ieder jaar dus af, maar in werkelijkheid hoeft dit niet het geval te zijn.

Het kan bijvoorbeeld zijn dat een gebouw op een fantastische locatie staat en hierdoor veel meer waard is dan de boekwaarde op de balans. Het tegenovergestelde kan ook het geval zijn. Een machine waar jaarlijks op wordt afgeschreven is door snelle technologische ontwikkelingen in de sector sterk verouderd. Wanner het bedrijf de machine zou willen verkopen, krijgt het hierdoor waarschijnlijk veel minder dan de prijs waarvoor het in de boeken staat.

 Waarom is de intrinsieke waarde (NAV) een zorgvuldigere maatstaf dan de boekwaarde?

De intrinsieke waarde is dus een zorgvuldigere maatstaf dan de boekwaarde. De intrinsieke waarde geeft namelijk de waarde weer als alle bezittingen tegen de marktwaarde zouden worden verkocht. De boekwaarde geeft slechts de boekhoudkundige waarde weer. De boekwaarde kan als snelle maatstaf worden gebruikt om ongeveer de waarde van de bezittingen van een bedrijf in te schatten. Wanneer je het aandeel verder analyseert, kan een inschatting gemaakt worden van de intrinsieke waarde. Dit is weliswaar een stuk lastiger, omdat informatie hierover vaak beperkt is.

Hoe kan de intrinsieke waarde per aandeel worden berekend?

De intrinsieke waarde per aandeel kan worden berekend door de volledige intrinsieke waarde te delen door het totaal aantal uitstaande aandelen. Stel je hebt bepaald dat de intrinsieke waarde van een bedrijf 200 miljoen is en de er staan 100 miljoen aandelen uit, dan kan de volgende rekensom gemaakt worden.

Intrinsieke waarde (NAV) = 200 miljoen / 100 miljoen

In dit geval betreft de intrinsieke waarde van het aandeel dus 2 euro. Indien de beurskoers hieronder noteert, kan er worden gesteld dat er sprake is van een onderwaardering als we de intrinsieke waarde als uitgangspunt nemen.

Deel dit artikel

Share on facebook
Share on google
Share on twitter
Share on linkedin
Share on pinterest
Share on print
Share on email

Heel even tussendoor...

gratis rapport 3 koopwaardige penny stocks

Ontvang binnen enkele seconden het rapport 3 koopwaardige penny stocks helemaal gratis in je mailbox!